Onze borstvoedingsreis

Het is februari 2017. Ik lig op bed in het ziekenhuis, net super snel bevallen en ik heb opeens een heel mooi meisje bovenop me liggen. Met trillende handjes aai ik haar zachtjes over haar ruggetje. Ik ben doodmoe, maar ik ben nog nooit zo gelukkig geweest. Ik ben in de wolken. High van de adrenaline. En ik kan alleen maar naar haar kijken terwijl ze zelf langzaam begint te zoeken naar voeding. De kraamverzorgster zegt iets over aanleggen, maar ik hoor het maar half. Terwijl mijn dochtertje haar weg vindt naar mijn borst, denk ik alleen maar ‘dit moet gaan lukken’. Ze hapt. Mis! Mijn hemel, wat zit er een kracht in die kaakjes. Nog een keer proberen. En nog een keer. Twee enorme zuigzoenen op mijn borst later en ze heeft dan eindelijk haar doel gevonden. En zo begint mijn borstvoedingsreis.

De dagen die volgen verlopen allemaal soepel. Tijdens de kraamweek komt de kleine dame al na twee dagen goed aan en volgens de kraamverzorgster is ze een natuurtalent. Ik kan echt niet trotser zijn. Maar dan komt grote vriend ‘stuwing’ op bezoek. En opeens vind ik het even niet zo leuk meer allemaal. Wat doet dit pijn… Mijn dochter drinkt alles elke keer netjes weg, maar binnen een uur zit het bij mij alweer zo vol dat ik af en toe wel kan janken van de pijn. En heel even denk ik, ik wil niet meer… En terwijl ik dat denk, voelde ik me nog schuldig ook want niet iedereen heeft het geluk dat borstvoeding lukt. Dus ik zet door. Soms letterlijk met tranen in mijn ogen. En langzaam begint de pijn weg te ebben, met elke voeding steeds een beetje meer. De kleine meid geniet zichtbaar en ik begin de momentjes samen steeds meer te waarderen. Uiteindelijk settelt alles zich en kunnen we allebei volledig genieten van de borstvoeding.

Op een gegeven moment, toen onze dochter zo’n zes weken oud was, wilde ik de fles gaan proberen. Want ik merkte al wel dat ik het best een opgave vond om zo volledig verantwoordelijk te zijn voor de voeding van ons kindje. Dus ik kocht een kolfapparaat en begon elke dag een klein beetje van mijn melk in een flesje aan te bieden. Maar ze wilde niet. Niks werkte. Ik heb werkelijk elke fles op de markt geprobeerd, maar deze jongedame weigerde ook maar iets van plastic in haar mond te nemen. Dit gold overigens ook voor de speen. Die kwam er ook niet in. Ik heb dit tijdenlang gedaan. Elke dag kolven, fles aanbieden, blijven proberen. Ik heb om tips en hulp gevraagd, borst- en flesvoeding geprobeerd, maar het mocht niet baten. Ze wilde gewoon echt niet. Mama, mama en alleen maar mama…Dat is wat ze wilde.

Voordat ik zwanger werd had ik me ingelezen in borstvoeding en alle positieve effecten hiervan, op zowel het kind als de mama. Dus voor mij was de keuze om borstvoeding te geven snel gemaakt. Mijn plan was om zes maanden te voeden, mocht de voeding lukken, en daarna af te bouwen. Maar dan moest ze wel de fles gaan drinken. Weken werden al snel maanden en nog steeds maakte mijn dochter geen aanstalten om iets anders dan mijn borst te accepteren. Mensen om me heen begonnen goedbedoelde adviezen te geven. ‘Je moet gewoon stoppen, dan gaat ze wel drinken als ze honger krijgt’ of ‘het zou voor jou ook beter zijn om te stoppen, dan kun je tenminste ook weer weg’. Maar al deze adviezen en woorden, bouwden bij mij alleen maar druk op. Ik kon inderdaad niet zomaar weg. Werken was lastig en kon alleen tussendoor of in de avond. En met bedtijd en tijdens de nachtelijke knuffels was ik altijd ‘de klos’. En dat is best wel intensief en pittig. Maar stoppen zou voor mij nu voelen als falen.

Ik weet nog dat ik op een nacht met mijn meisje aan de borst in haar kamertje zat. Ik zat daar al uren. Het was nog donker buiten, maar de zon begon inmiddels langzaam op te komen. En ik dacht, iedereen slaapt behalve ik. En tegelijkertijd dacht ik; deze momenten in stilte en rust samen met mijn dochter krijg ik nooit meer terug. Het klinkt misschien heel zweverig, maar dit besef zorgde bij mij echt voor een ommekeer in mijn gedachten. Ik accepteerde dat ik nu gewoon degene was die zij wilde en nodig had. Ik legde me erbij neer dat dit voorlopig nog wel even zo zou blijven. En het was goed zo. Ik liet de fles voor wat het was en begon nu echt weer te genieten van onze momenten. Het naar bedje brengen werd weer fijn. En overdag maakten mijn dochter en ik er gewoon een gezellig momentje van. Ik begon ook te merken dat ze steeds meer naar vast voedsel verlangde. En zo rond haar eerste verjaardag dronk ze alleen nog voordat ze ging slapen na de lunch en in de avond. En ook al kon ik nog steeds niet weg, want slapen deed ze echt niet zonder nog even een slokje bij mama te drinken, het was wel goed zo.

Een maand na haar eerste verjaardag werd ik weer zwanger. En ook tijdens de zwangerschap bleef ik voeden. Naarmate de maanden vorderde werd dit wel wat pijnlijker, maar gelukkig wilde ze nooit veel drinken. Toen ons zoontje geboren werd, wist ik dan ook zeker dat tandemvoeden mij zou gaan lukken. De oudste wilde alleen maar voor haar slaapjes en onze nieuwste telg zou gewoon op verzoek gevoed worden. Maar ongeveer een week na de geboorte van ons zoontje en van het een op andere moment stopte mijn dochter met moedermelk drinken. Waarschijnlijk aangewakkerd doordat haar baby broertje zo vaak aan de borst zat. En hoewel dit fijn was, want ze stopte uit zichzelf en heel natuurlijk, vond ik dit toch even slikken.

Waar onze dochter al een kleine zuiplap was, was onze zoon dit in het kwadraat. De eerste maanden waren heftig en intens. Ik had een enorme overproductie en liep elke dag met appelstroop zakjes rond om de pijn een beetje tegen te gaan. Afkolven mocht ik niet, want dat zou alles alleen maar verergeren, dus het was echt wachten totdat het wat rustiger werd met mijn productie. En ons mannetje was ook nog eens een huilbaby die de eerste maanden enkel en alleen maar bovenop mij sliep. Maanden verder, toen ik vast voedsel kon introduceren, werd het eindelijk wat rustiger met de voed momenten en de overproductie. Maar nog steeds wilde hij enorm vaak bij mama drinken. En opeens had ik twee flesweigeraars, want ook mijn zoontje wilde niks anders dan mama. Geen fles, geen speen, kortom geen plastic. Weer begonnen de adviezen om mij heen. ‘Stop nou gewoon’ en ‘je voedt al zo lang’. Ja, dat wist ik ook wel… Maar ook dit keer hield ik vol. Ik gunde mijn zoontje precies wat ik mijn dochter ook had kunnen geven.

En nu? Nu ben ik 3 jaar en 5 maanden verder vanaf de eerste keer dat ik ooit borstvoeding gaf. Ruim 22 maanden mocht ik onze dochter voeden. En ons zoontje is nu bijna 19 maanden en drinkt nog steeds elke dag met regelmaat. Ook dit keer wil ik het zo natuurlijk mogelijk afbouwen. Is het pittig? Ja, absoluut. Maar of ik het anders zou doen… Nee, dat denk ik niet. Ondanks de momenten waarop ik het op wilde geven. Ondanks de ongemakken in het begin. Ondanks de jaren die ik inmiddels niet meer normaal de deur uit kan. Ik zou het zo weer doen. Want het moment dat je gaat zitten samen met je kindje en je ze letterlijk laat groeien met je eigen lichaam… Of ze die veiligheid kan bieden die ze zoeken. Dat moment, daar groei ik zelf van. Niet omdat ik borstvoeding beter vind dan fles. Niet omdat ik vind dat ik het beter doe omdat ik al zo lang voed. Maar omdat die momenten samen in de bubbel met mijn kindjes, mij de moeder hebben gemaakt die ik nu ben. En zolang mijn kleine man nog wil, ga ik door met voeden. Wie weet red ik het wel tot de vier jaar!

Liefs Janthe.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *